De laatste tijd speelt in de rechtspraak geregeld (weer) de vraag of woningen gebruikt kunnen worden voor de huisvesting van meerdere personen die niet één huishouden vormen, zoals arbeidsmigranten of studenten (kamerverhuur). Hoewel gemeenten dit meestal niet wenselijk achten, wordt nogal eens verzuimd in het bestemmingsplan een nadere definitie van ‘wonen’ op te nemen. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in een aantal uitspraken* bepaald dat bij het ontbreken van een nadere definitie aangesloten moet worden bij het algemeen spraakgebruik en dat onder ‘wonen’ diverse uiteenlopende vormen van huisvesting worden begrepen.

Definitie
Vaak is in planregels wel een definitie gegeven van het begrip ‘woning’, maar niet van het begrip ‘wonen’. De definitie van ‘woning’ luidt vaak als volgt: een complex van ruimten uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden. De bestemming van een bepaald perceel of pand is vaak echter niet ‘woning’, maar ‘wonen’. Dit betekent dat de omschrijving van het begrip ‘woning’ niet van betekenis is voor de uitleg van het begrip ‘wonen’ en dat aansluiting moet worden gezocht bij het algemeen spraakgebruik. Volgens dit algemeen spraakgebruik vallen onder ‘wonen’ diverse uiteenlopende vormen van huisvesting waaronder dus ook het verhuren van kamers aan personen die niet tot het huishouden van de verhuurder vallen. Het gevolg is dat kamerverhuur aan arbeidsmigranten of studenten niet in strijd is met het bestemmingsplan.

Hoe dan wel?
Indien u als gemeente kamerverhuur aan arbeidsmigranten of studenten niet wil toestaan, is het essentieel om in het bestemmingsplan een heldere definitie van ‘wonen’ neer te leggen en vervolgens in de bestemmingsregel een expliciete relatie te leggen met deze definitie.


Mocht u interesse hebben in een parapluherziening om dit onderwerp goed in uw bestemmingsplannen te regelen, neem dan contact met ons op.

 

* Zie bijvoorbeeld ABRvS 10 maart 2010, ECLI:RVS:2010:BL7013; ABRvS 21 november 2012, ECLI:RVS:2012:BY3690; ABRvS 16 november 2016, ECLI:NL:RVS:3046; ABRvS 6 juni 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1882; ABRvS 23 januari 2019, ECLI:NL:RVS:2019:192.